Iman J. van den Bosch

Bijdrage aan het hulpfonds

foto Iman J. van den BoschOp verschillende plaatsen ontstonden spontane hulpcomités voor de families van zeevarenden in bezet Nederland.
Oud-marineofficier Iman J. van den Bosch richtte in december 1940 de verzetsgroep Tromp en het daaraan gelieerde Trompfonds op, dat onder meer geld inzamelde voor de gezinnen van marinemensen die in geallieerde dienst voeren.
Vanwege het doel om speciaal bij de verjaardagen van de betrokkenen actief te zijn, werd die ook wel de ‘Verjaardagspot’ genoemd. Na de directe maatregelen van de Duitse bezetter tegen de families van zeevarenden werden de activiteiten ook verlegd naar het Rotterdamse fonds de Zeemanspot.

Van den Bosch was, samen met Walraven van Hall leidinggevend bij de oprichting van het Nationaal Steun Fonds (NSF), waarvan hij later in Groningen het hoofd werd. In 1942 moest hij van Eindhoven naar Groningen uitwijken, nadat zijn spionageactiviteiten (het aan Engeland doorgeven van bedrijfsgegevens over het Philipscomplex te Eindhoven en technische gegevens van Philips van nieuwe vindingen) de aandacht van de bezetter hadden getrokken.

Op 18 oktober 1944 werd Van den Bosch door de SD opgewacht op een vergaderplaats in een woning aan de Parklaan in Groningen. Terwijl hij op het huis afliep kon hij door zijn koerierster vanuit het pand worden gewaarschuwd. Hij maakte zich uit de voeten, maar werd daarbij door een SD-er dwars door een raam beschoten en werd getroffen. Vervolgens werd hij gearresteerd en opgesloten in het hoofdkwartier van de SD in de stad. Op 28 oktober werd hij overgebracht naar Kamp Westerbork en daar samen met vijf andere verzetsstrijders gefusilleerd.

Tijdens zijn executie zag hij, door zich om te draaien, kans het gebruikelijke nekschot te ontlopen en riep hij „Leve de Koningin!”.
Het stoffelijk overschot van Van den Bosch werd verbrand in het crematorium van Kamp Westerbork.